De Nederlandse economie schakelt terug uit de turbostand en hetzelfde lijkt te gebeuren met de huizenmarkt.
Afgelopen week stelden economen van ING dat de gemiddelde stijging van de huizenprijs naar verwachting nog maar 2 procent bedraagt in 2020, terwijl de gemiddelde huizenprijs afgelopen jaar met ruim 9 procent klom.
Lees in dit verband: Deze 2 grafieken laten zien dat de huizenmarkt in 2019 en volgend jaar echt afkoelt
Het algemene beeld is dat de economische groei sinds eind 2018 afvlakt, het consumentenvertrouwen daalt en de betaalbaarheid van huizen afneemt. Dit is ook terug te zien in de daling van het aantal woningtransacties.
Maar los van de huidige conjunctuuromslag zijn er ook factoren die structureel invloed kunnen hebben op de huizenprijs. In de nieuwsbrief van deze week wijst intermediair De Hypotheekshop op twee langetermijnrisico’s voor de woningmarkt.

Energieslurpende huizen en generatie met hoge studieschuld

Op de eerste plaats wordt volgens De Hypotheekshop de energiezuinigheid van woningen een steeds belangrijkere factor bij de waarde-ontwikkeling. Uit recente studies blijkt dat een hoger energielabel nu al 6.000 euro tot 10.000 euro kan uitmaken bij de verkoopprijs van woningen.
Volgens De Hypotheekshop zal deze trend zwaarder gaan wegen op de huizenmarkt, aangezien ruim 5 miljoen woningen slecht tot matig geïsoleerd zijn in Nederland.

Lees ook op Business Insider

“De komende jaren zullen woningen minder aantrekkelijk worden als er sprake is van een minder goed energielabel. Maar dat zal eveneens het geval zijn bij huizen waarop een tijdelijke erfpacht of een gebouwgebonden financiering rust.”
Lees in dit verband: 8 vragen over de ‘gebouwgebonden financiering’, de lening voor energiebesparende maatregelen die aan de woning blijft kleven
Als toprisico nummer twee noemt De Hypotheekshop de komst van een generatie hoger opgeleiden met significante studieschulden. De gevolgen van het studieleenstelsel zullen binnen vijf tot acht jaar merkbaar worden op de huizenmarkt.
Bij een gemiddelde studieschuld van 25.000 euro per persoon betekent dit voor een koppel hoger opgeleide starters een totale studieschuld van 50.000 euro. De maximale hypotheek daalt dan met eenzelfde bedrag.
“Dat betekent dat veel starters – vaak stellen – tegen die tijd zo’n 50.000 euro inleveren op wat ze kunnen betalen. Ook zal de leeftijd waarop voor het eerst een woning wordt gekocht (verder) stijgen. Dat zal niet alleen de positie van starters raken, maar ook die van de huidige woningeigenaren”, aldus De Hypotheekshop.

Lees meer over de huizenmarkt: